Straatkinderen en de grote droom over Burgerschap.

Left-Out-Image

This post has been kindly translated into Dutch by Maja Mischke <@majamischke> and can be found in English: Street Children and the Big Dream of Citizenship http://wp.me/p1sf3y-9Y

——————————————–

Het was duidelijk dat het 6-jarige meisje doods- en doodsbang was. De warme gele vloeistof die langs haar korte beentjes vol littekens naar beneden liep, voorbij haar knikkende knieën, sprak boekdelen. Haar heftige ademhaling en hartslag deden haar borst schokkend op en neer gaan terwijl haar smalle gebarsten lippen begonnen te trillen.

Ze keek naar de ingang van het inloopcentrum voor straatkinderen, waar ze zich op dat moment bevond. Een boze man met een lege blik in zijn ogen staarde haar daar vandaan aan. Haar vader was er achter gekomen waar ze de dag doorbracht.

Er is niet veel dat de staf van zo’n inloopcentrum kan doen om vaders of moeders tegen te houden als ze hun kinderen mee willen nemen, zelfs als ze op schrift toestemming hebben gegeven om ze daar permanent te laten verblijven. De wetten van Egypte belemmeren diegenen die kwetsbare kinderen willen beschermen tegen gewelddadige ouders.

Dus de staf moest toekijken hoe Taghreed zichzelf onderplaste van angst, terwijl ze aan haar pols de shelter werd uitgesleurd waar ze op een middag bescherming  had gezocht tegen de brandende zon. Het enige dat ze konden doen was bidden dat ze haar ooit weer zouden zien, maar dan hopelijk zonder littekens en blauwe plekken waarmee ze al eerder bij hen was gekomen.

Taghreed is geen straatkind dat helemaal alleen is. Ze heeft haar hele leven op straat geleefd met haar vader, moeders, broertjes en zusjes. Ze zijn ‘travellers’ en leven in de straten van de steden waartussen ze heen en weer trekken, synchroon met de religieuze festivals die er plaatsvinden. Want dan valt er wat te verdienen voor vader: hij laat zijn kinderen klein plastic speelgoed verkopen of –als dat niet lukt- bedelen. Natuurlijk is de aalmoes in de Egyptische samenleving van groot belang, maar je druk maken over waar die aalmoezen heengaan of je afvragen wat er effectiever zou kunnen zijn dan wat geld weggeven, gebeurt maar zeer zelden.

Taghreed vond het helemaal niet leuk om die spullen te verkopen waarvoor haar vader al haar geld afpakte. En heel begrijpelijk: ze vond haar vader ook helemaal niet leuk. Toen ze na een paar weken weer was teruggekeerd naar de shelter, vroeg de psycholoog haar waarom ze zo bang was voor haar vader terwijl ze zelf zo’n klein krachtig meisje was. Zonder enige schaamte vertelde Taghreeb over de manieren waarop haar vader haar vastzette in metalen kettingen, met de ketenen om haar enkels en polsen op slot, waarna hij haar net zo lang sloeg tot hij totaal was uitgeput. Veel straatkinderen liegen om sympathie op te wekken en zo wat geld los te peuteren. Maar Taghreed wist dat Shaimaa haar geen geld zou gaan geven. Bovendien namen de littekens op haar lichaam elke twijfel over het waarheidsgehalte van haar verhaal weg.

Uiteindelijk liep het uitgebuite meisje weg. Ze schoor haar haren, bond haar borsten af en leefde op straat als een jongen, in een poging om zichzelf te beschermen. Ze vertelt me dat ze diegenen die haar onrecht hebben gedaan op straat makkelijker kan vergeven dan haar ouders, waarvan ze altijd heeft geweten dat die haar juist daartegen hadden moeten beschermen.

Taghreed is één van de meest speciale en mooie meisjes die ik ooit heb gekend. Ze is betrouwbaar en loyaal en vergeet het nooit als iemand iets goeds voor haar heeft gedaan. Ze zit tegenover me, houdt haar vijf maanden oude baby vast en vertelt me over haar droom om een eigen ID te hebben voor haar en haar kind. Dat is het;  dat is waar ze van droomt. Maar het is een droom die geen van ons, die van haar houden en om haar geven, makkelijk voor haar kunnen realiseren. De ouders van Taghreed zijn niet getrouwd; haar vader slaat haar elke keer in elkaar als ze hem ervan probeert te overtuigen met haar mee te gaan om zo’n ID te bemachtigen en de bureaucratie schrijft voor dat het niet voor elkaar komt zonder zijn medewerking.

Er zijn vrouwen in Egypte die vechten voor gelijke rechten, voor het recht om te werken, om de voogdij voor hun kinderen, om te kunnen scheiden. Taghreed is een jonge vrouw die vecht voor het recht om te bestaan in de ogen van de staat, het recht om erkend te worden als burger, het recht om (in haar eigen woorden) te bestaan als mens. Dit zijn geen problemen die wij als samenleving kunnen oplossen door in het voorbijgaan wat geld te geven aan een straatkind waar we medelijden mee hebben. Of een paar pond vlees tijdens Eid (Offerfeest) zodat we aan onze religieuze verplichtingen voldoen.

Wij, als de eerzame burgers die we zeggen te zijn, zouden verontwaardigd moeten zijn over het feit dat sommigen ervoor moeten vechten om gemist te worden als ze overleden zijn, om een papiertje vast te kunnen houden zodat ze basale zorg krijgen als ze een ziekenhuis worden binnengebracht of basale scholing kunnen krijgen ook al levert ze dat uiteindelijk misschien helemaal niet veel op.

We moeten zo verontwaardigd zijn dat die woede verandering teweeg brengt. We moeten de sociale akkoorden weigeren te ondertekenen als zij diegenen buitensluiten die te arm, te zwak, te bang zijn om zichzelf onze wereld binnen te vechten. Onze wereld waarin we zó blind zijn geworden dat we verbaasd zijn als we horen dat iemand geen ID heeft.

Ik ken iemand die in het buitenland een ID kreeg op de dag van aanvraag omdat ze geld en connecties had. Taghreed is nu al tien jaar lang misbruikt en geslagen en heeft heen en weer gereisd met geld dat ze heeft verdiend op een manier die ze haat. En het heeft niets opgeleverd. Ze heeft nog steeds geen ID.

Als u dit leest en u weet een manier om Taghreed te helpen en ervoor te zorgen dat ze een ID krijgt zonder bemoeienis van haar vader en zonder dat haar ouders moeten trouwen, stuur me dan een email: nelly.ali@gmail.com Taghreed en ik willen daar allebei heel graag meer over weten.

En als u het ook niet weet, vertel dan iedereen erover die u kent- en vertel ze dat voordat we ons druk maken over met welke hand te eten zodat de duivel ons niet zal bezoeken, we een hand moeten uitsteken naar diegene van wie de polsen in kettingen en ketenen zijn. Voordat we ons druk maken dat we nooit met onze linkervoet een toilet binnen stappen, moeten we ons eerst eens druk maken over de voeten die op de zwakkeren stappen omdat hun stemmen onze oren niet bereiken.

Taghreed heeft zichzelf ooit aan een gewelddadige groepsverkrachting gegeven om een jong meisje, nieuw op straat en nog maagd, te beschermen. Zulke loyaliteit verdient op zijn minst een ID.

Advertisements

Straatkinderen: de ketenen van kwetsbaarheid

Street Children and the Shackles of Vulnerability: translated kindly by Maja Mischke (original post in English here  http://wp.me/p1sf3y-ge )

————-

Deze blog is voor Farah. Haar ongelofelijke moed en kracht blijven voor mij onovertroffen.

Eén van de dingen die me steeds weer frapperen bij mijn werk met straatkinderen is hoe uitgesproken ze zijn. Ik ben iedere keer weer verrast, zelfs met stomheid geslagen door hoe goed ze zich uit kunnen drukken met woorden, met een enkele zin.

Terwijl ik met Maya sprak (ik kende haar al een paar maanden), voelde ik dat ik een stapje dichterbij durfde te zetten: “Ik weet dat je stiefmoeder wreed was en je vader altijd haar kant koos. Maar soms klinkt het alsof het leven dat je op straat leidde nog veel wreder was. Veel mensen vragen me:  waarom kiezen kinderen zoals jij voor de straat als het thuis minder gevaarlijk is?”

Waarop ze antwoordde: “Omdat het gemakkelijker is om de straat te vergeven: je verwacht niet dat de straat van je houdt, zoals je dat van je familie verwacht.”

Maya’s leven –zowel op straat als daarbuiten- is vervuld met redenen om alle geloof in de wereld en de menselijkheid te verliezen; haar veerkracht en lach is voldoende om het te herwinnen. Het is één van de dingen die ik van Maya heb geleerd: de keuze tussen twee nadelen, tussen twee slechtste scenario’s. Straatkinderen als Maya roepen verschillende reacties op bij de mensen die haar ontmoeten en haar verhaal horen, omdat ze in een opeenvolging van keuzes vaak de verkeerde heeft gemaakt. De minder toleranten zal het ontgaan dat de verwaarlozing en het misbruik waaronder ze heeft geleden sinds ze drie jaar oud was haar mogelijk niet hebben voorzien van de vaardigheid om het beter te doen. Voor andere kinderen is de straat niet een keuze tussen twee onfortuinlijke wreedheden, maar de enige manier om te overleven.

Het is een misverstand dat armoede de voornaamste oorzaak is voor het feit dat kinderen op straat leven. Het opbreken van gezinnen en geweld zijn de echte valkuilen. Misbruik. Waarom zou Farah anders op straat zijn?

Farah is een ongelofelijk mooi 14-jarig meisje. Toen ze 12 werd vond Medhat, haar oom van moeders kant, het hoog tijd dat ze deel ging uitmaken van zijn prostitutienetwerk. Hij deed haar geen voorstel: ze werd gewoon geacht in de voetstappen van haar moeder te treden. Farah’s moeder had jarenlang geld in haar broers laatje gebracht en Medhat verwachtte dat Farah flink aan zijn inkomen zou kunnen bijdragen. Zo moedig als ze was, weigerde Farah. Klant na klant klaagde erover hoe Farah naar de ontmoetingen gesleept moest worden en uiteindelijk nam Medhat zijn toevlucht tot geweld.

Farah werd gedurende 8 maanden aan een ketting geklonken die aan het plafond was vastgemaakt. In deze eenzame wereld die haar nieuwe thuis werd, in deze positie, werd Farah dagelijks door haar oom verkracht. Ze kreeg hangend te eten, ze deed hangend haar behoefte, ze sliep in haar ketenen. En in haar opstandige veerkracht weigerde het kleine meisje toe te geven.

Nu moeten we het in verband met veerkracht even over kwetsbaarheden hebben. Het lichaam van een kind, de zwakheid ervan, de beperkingen die het heeft, maar ook het vermogen een stem te laten horen en keuzes te maken om de eigen realiteit vorm te geven, alsook de fysieke kwetsbaarheid van een kind: al dat is juist hetgene dat door de volwassen wereld dient te worden beschermd, als was het een dure plicht.

Het ontbreken van die bescherming heeft ertoe geleid dat de moed van Farah afnam om beslissingen te nemen die ze niet vol kon houden. En het was toen haar lichaam nog verder verzwakte, toen de ketenen nog strakker waren gemaakt, het metaal door haar huid heen knaagde tot op haar botten, dat ze haar volgende beslissing nam.

Farah vertelde haar oom dat ze het opgaf, dat hij had gewonnen. Ze vertelde hem dat ze het ‘brave meisje’ zou zijn dat hij zich gewenst had en dat ze zou doen wat hij wilde. Terwijl hij haar losmaakte, terwijl hij de sloten opende van de kettingen die haar polsen en dunne enkels gebonden hielden, plande ze haar ontsnapping. Farah rende naar het raam en gooide zichzelf naar beneden vanaf de derde verdieping.

Hoe ze het heeft overleefd is voor ons allen bij de shelter onbekend. Het aantal gebroken botten was het bewijs voor de wanhoop en de prijs die dit kleine meisje betaalde voor die fysieke kwetsbaarheden en veerkrachtige keuzes. Ze werd niet alleen om haar gebroken botten naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis gedragen, maar ook voor de doorgesleten plekken in de huid bij haar bovenbenen en billen, veroorzaakt doordat ze zichzelf maandenlang had bevuild. En voor de brandplekken daar waar ze was vastgebonden. Maar hoe zat het met de verkrachtingen? Hoe zat het met het trauma? En met de toekomst? Wiens verantwoordelijkheid was het om dat alles te helen?

Toen ze voldoende hersteld was, vertrok ze. Naar de straat. En toen verwees de politie haar naar onze shelter. Het moment dat ze binnen kwam lopen is onvergetelijk voor iedereen die daarbij aanwezig was. Shaimaa heeft me verteld dat ze soms nog over Farah’s polsen droomt.

Waarom ik u dit verhaal vertel, lezer? Het is niet alleen om zomaar even uw hart te breken. Ik heb het niet eens geschreven om u eraan te herinneren dat achter elk meisje dat op straat leeft een individueel en persoonlijk levensverhaal schuilgaat. Ik heb dit geschreven zodat we andere vragen kunnen gaan stellen. Ik deel dit om te laten zien dat het ineffectief is veel kinderen ervan te proberen te overtuigen dat het leven op straat slecht voor ze is. Voor kinderen zoals Farah, en helaas zijn er velen zoals zij, staat de straat voor hoop, vrijheid en vriendschap en onvoorspelbaarheid. Totdat wij begrijpen wat de straat echt betekent voor deze kinderen, totdat we NIET meer als eerste proberen ze te verenigen met hun families zodat we onze subsidies veilig stellen, totdat we ze alternatieven kunnen bieden…zouden we wel eens meer kwaad dan goed kunnen doen.